Liked “Jeroen, hoe zou jouw ideale bibliotheekwerkplaats eruitzien?” (Rafelranden)
Dat was de vraag die Norma Verheijen me stelde tijdens de eerste bijeenkomst van de Denktank Digitale Geletterdheid, 17 februari jl. bij de KB. Mijn antwoord: een plek waar kritisch bewustzijn en maatschappelijke impact in aanraking komen met intrinsieke motivatie.

Jeroen de Boer over bibliotheekwerkplaatsen, en hoe die soms mislukken. Herkenbaar, want er is het risico dat het instrument (een werkplaats voor …. ) een doel op zich wordt (een werkplaats want dat is hip). En als de werkplaats er dan is weet je niet waarvoor je hem wilt inzetten. En over Doug Belshaw en mij en hoe ons werk dat van Fers beïnvloedt.

Bijna twintig jaar geleden, op de dag na mijn verjaardag, vond de vuurwerkramp in Enschede plaats. Het is een reden dat we veel langer in Enschede zijn blijven wonen dan we zelf gedacht hadden. Danny de Vries maakte de videobeelden van de ontploffing die de wereld overgingen en overleefde. Een collega van hem, Marcel van Nieuwenhoven, kwam op dezelfde locatie om, omdat hij net iets dichter op het vuur stond.

Danny schreef kort na de vuurwerkramp al zijn herinneringen en emoties op. En keek er twintig jaar niet naar. Nu wel, omdat de huidige pandemie associaties oproept met toen. Hij maakte er een boek van, als brief aan zijn omgekomen collega en vriend Marcel.

Danny en ik kennen elkaar goed uit onze studietijd in Enschede. We zaten samen in het sociëteitsbestuur van onze studentenvereniging eind jaren negentig, zijn beiden lid van hetzelfde verticale verband binnen die vereniging, en waren allebei lid van het bestuur van de lokale oranjevereniging omdat we het oranjefeest in de stad een impuls wilden geven (dat lukte). Danny is bevlogen en warm, en altijd actief op veel verschillende fronten.

De dag van de vuurwerkramp belde ik hem omdat ik rook zag ten noorden van ons huis, vanuit het keukenraam toen ik de gebaksschoteltjes van mijn verjaardag aan het opruimen was. Hij was al onderweg zei hij, en had toevallig een camera bij zich omdat hij eerder elders een item had opgenomen voor de regionale omroep. Kort daarna hoorde ik hem op de radio zeggen dat hij op locatie was. Toen kwam die gigantische klap. Urenlang wisten we niet hoe het met Danny was en drentelde ik onrustig heen en weer, tot hij een paar uur later weer te horen was. Toen ik hem een paar dagen later in de achtertuin van zijn studentenhuis weer ontmoette en omhelsde was dat emotioneel. Het moment waarop ik weer voelde hoe weinig het scheelde of ik had een vriend verloren. Ik heb hem nooit meer gebeld met een nieuwstip. Mij te gevaarlijk.

We spraken in de bizarre dagen na de vuurwerkramp over hoe schrijven een manier is om gebeurtenissen te verwerken, en op enig moment daarna bracht ik hem in contact met een uitgever die ik kende. Dat was te vroeg. Twintig jaar later is ook prima op tijd.

Ik heb het boek Brief aan Marcel besteld en hoop het dit weekend te lezen.

Herdenking VuurwerkrampHet monument van de vuurwerkramp, met de namen van de omgekomen stadsgenoten, waaronder Marcel van Nieuwenhoven. Foto Cyril Wermers, 13 mei 2005 tijdens de jaarlijkse herdenking, licentie CC BY NC

Het NRC meldt dat er een spoedwet komt om de noodmaatregelen tegen de pandemie juridisch beter te borgen. Na een korte uitwisseling (via Mastodon) met Remkus de Vries hierover, schrijf ik mijn gedachten er bij maar eens uit.

Tot nu toe gold ‘nood breekt wet’: de momenteel afgekondigde maatregelen zijn bij wijze van noodverordening ingevoerd. Daarin staan dingen die strijdig zijn met de grondwet (zoals samenkomstverboden) en verschillende rechten in de praktijk opschorten. Dergelijke noodverordeningen zijn door de 25 veiligheidsregio’s ingesteld, onder coördinatie van ministeries. De veiligheidsregio’s worden bestuurd door de burgemeesters van de gemeenten in die regio, en zij zijn het die de verordeningen invoeren. Ik heb een aantal van die verordeningen gelezen, en hoewel er wel doelbinding in staat (de verordening is direct gekoppeld aan de pandemie), stond er geen einddatum in. Daarnaast is er geen parlementaire controle op deze gang van zaken, want langs die weg komt het niet tot stand. Verder maakte ik me niet heel veel zorgen over die noodverordeningen, juist omdat het de ongeveer 400 burgemeesters zijn die het instellen. Zoveel anti-democraten staan er niet tegelijk op in ons land, en als er maar een enkeling daarvan publiekelijk zijn steun terugtrekt valt het geheel vanzelf in duigen.

De nieuwe wet moet nu de noodverordeningen gaan vervangen. Dat is op zich logisch, die verordeningen zijn bedoeld voor de korte termijn tijdens een acute crisis. In die eerste chaotische fase houd je rekening met verschillende mogelijkheden, zo waren er in 2000 na de vuurwerkramp bij ons in Enschede het eerste weekend blokkades op de snelwegen om ramptoerisme te voorkomen, en staan sinds het begin van de pandemie mariniers stand-by in Doorn om binnen 6 of 12 uur ingezet te worden voor het bewaken van de openbare orde.
Na een eerste vaak wat chaotische fase ontstaat er een nieuw plateau waarin je voor de middellange termijn de boel moet regelen. Van acute crisis naar langere uitzonderlijke situatie. Dan is er behoefte aan stabielere regels en onderbouwing daarvan, omdat de medewerking en het vertrouwen van ons als burgers anders terecht afnemen naarmate de tijd vordert. Die fase is nu duidelijk aangebroken, de eerste piek van de epidemie in ons land wordt langzaam gepasseerd, en het is helder dat totdat er een vaccin of behandeling is, danwel we allemaal het virus gehad hebben, we rondom het evenwichtspunt maatregelen moeten op- en afschalen om te zorgen dat het zorgsysteem kan blijven functioneren. Die periode duurt nog wel een jaar, of misschien wel twee. Er wordt gekozen voor een nieuwe wet, in plaats van een nu al wel mogelijk zwaarder middel, het verkondigen van de noodtoestand. Dat zwaardere middel is door zijn zwaarte ook ongerichter, en de steun er voor zal eveneens snel afbrokkelen als men die noodtoestand niet om zich ook zo voelt zoals in de eerste chaos van een crisis.

Die nieuwe wet wordt nu aangekondigd als tijdelijk en gericht op de pandemie. Maar de ervaring leert dat wat als tijdelijk wordt aangekondigd en gestart lang niet altijd tijdelijk blijft. De ervaring leert ook dat een langzaam kruipende scope, leidend tot het gebruik van regelingen voor doeleinden waarvoor die regelingen niet tot stand zijn gebracht, niet ongebruikelijk is (anti-terreurwetgeving is er een mondiaal voorbeeld van).

In complexe situaties kun je weinig voorzien, ervaring van eerder heeft geen voorspellende waarde voor de toekomst. Daarom zijn heldere grenzen en waarden noodzakelijk. Dat doe je voor kinderverjaardagsfeestjes (niet van de oprit af! blijf met je tengels uit de drankkast! niet met schoenen aan naar binnen rennen!), en dat moeten we ook doen voor een spoedwet als deze. Dat het een spoedwet is wil niet zeggen dat het ok is om je principiële afwegingen opzij te zetten, omdat je denkt dat je dat later wel kunt repareren. Juist andersom, bij een spoedwet moet je zeer strikt zijn met je voorwaarden, zodat je daarbinnen bewegingsruimte hebt om situationeel te schakelen naar wat nodig is. (Dat zagen we afgelopen weken ook met de Corona-apps. Daar werden principiële uitgangspunten opgesteld, maar vervolgens niet gehanteerd bij het filteren van kandidaten. Dan krijg je “Ja privacy heel belangrijk, dat lossen we straks wel op”, met als gevolg dat geen van de uiteindelijk voorgestelde apps door de beugel kon. Dat had je ook kunnen weten voor de ‘appathon’ begon, bij die allereerste filtering omdat je daar je uitgangspunten al losliet.)

Wat mij betreft zijn lakmoesproeven voor een spoedwet*:

  • De wet is gekoppeld aan de Corona epidemie. De wet kan niet worden gebruikt voor zaken die niet bijdragen aan de bestrijding van de epidemie. Elke getroffen maatregel op basis van deze wet moet gemotiveerd worden op basis van de epidemie.
  • Er staat een einddatum in de wet, waarop deze zijn geldigheid verliest. Alleen aangeven dat het een ‘tijdelijke’ wet betreft is niet genoeg. Een einddatum is nodig.
  • Die einddatum is dichterbij gesteld dan dat we nu denken dat de pandemie duurt. Dus niet over 2 jaren, maar over maximaal een paar maanden.
  • De wet kan alleen worden verlengd als het parlement voor verlenging stemt onder vaststelling van een nieuwe einddatum die wederom hooguit enkele maanden in de toekomst ligt.
  • Naast een einddatum waarop de wet zonder verlenging buiten kracht raakt, is ook opgenomen wat de maximale termijn is waarna verlenging door het parlement niet meer mogelijk is. Daarmee is gegarandeerd dat vooraf bekend is wanneer de wet uiterlijk buiten werking treedt.
  • Het is niet voldoende dat het parlement niet tegen verlenging gestemd heeft. Het parlement moet voor verlenging stemmen. Als er geen stemming plaats heeft gevonden bijvoorbeeld dan vervalt de wet op de dan geldende door het parlement vastgestelde einddatum.
  • De wet geeft een limitatieve opsomming van onder de wet mogelijke maatregelen die grondwettelijke rechten geheel of gedeeltelijk opschorten. Wat niet in die opsomming staat is niet mogelijk als maatregel. Het parlement kan bij verlenging de limitatieve opsomming inkorten.
  • De maatregelen worden alsnog via verordeningen in de veiligheidsregio’s, met de zelfde einddatum als de wet, van kracht. Die verordeningen bevatten de motivatie voor de inzet van elke specifieke maatregel. Dit maakt regionale variatie mogelijk, en dwingt tot motivatie van maatregelen in regionale context. Wat nuttig is voor Noord-Brabant is dat wellicht niet voor Friesland. Wat passend is voor de kust of de Amsterdamse binnenstad is dat niet automatisch ook voor de Drentse hei of het grensgebied met Duitsland. En vice versa.
  • Burgers staat de gang naar de rechter vrij om de toepassing van een maatregel en de motivatie daarvoor op basis van het eerste uitgangspunt te laten beoordelen.
  • De nationale ombudsman is daarnaast aangewezen voor het ontvangen van klachten over de inzet van maatregelen, en doet verslag daarover aan het Parlement en het algemeen publiek op zijn minst voor elke stemming over verlenging of zoveel vaker als de ombudsman daar het belang van ziet. De overheid voert gedurende de looptijd van de wet actief campagne om mensen op de mogelijkheid tot klachten indienen te wijzen. De aantallen ontvangen klachten en de aard van de klachten worden doorlopend actief openbaar gemaakt door de ombudsman. De spoedwet mag niet de werking van artikel 78a van de Grondwet inperken (die de ombudsman en andere Hoge Colleges van Staat regelt).
  • De wet stelt niets over benodige of gewenste dataverzameling, noch stelt het het algemeen belang van openbaarheid buiten werking of ter discussie. Integendeel, de wet eist actieve openbaarmaking door betrokken overheden van alle documentaire informatie die betrekking heeft op de ten uitvoerlegging van de spoedwet. Het bijzondere karakter van de wet maakt actieve volledige transparantie van het gebruik van die wet noodzakelijk.

Met dergelijke voorwaarden maakt nood met meer waarschijnlijkheid een redelijke wet, en breekt de nood niets onvervangbaars.

Ik vertrouw er op dat de liberale premier niet genegen zal zijn om het werk van Thorbecke ongedaan te maken. Maar er zitten meerdere anti-democraten in het parlement, en er komen verkiezingen. Het is riskant om op enig moment uit gevoelde nood ambigue wetten aan te nemen zonder op voorhand een uiterste houdbaarheidsdatum, andere harde grenzen en volledige transparantie over het gebruik van de wet daarin vast te leggen.

Zodra het wetsontwerp naar de Tweede Kamer gaat zullen we zien of het kabinet op zoek is naar een voldoende stevig hek, of alleen lippendienst bewijst aan tijdelijkheid en proportionaliteit.

*Ik ben geen jurist. De opsomming is dus een mening, ongeacht wat wel en niet mogelijk is in ons wetgevingsproces. De opsomming is gebaseerd op omgang met complexiteit: het trekken van zo duidelijk mogelijke grenzen, die nodig zijn om in een complexe situatie te kunnen handelen. Naast duidelijk, moeten die grenzen proportioneel zijn en eenmaal geplaatst absoluut (als je een paard in een weiland wil houden zet je een hek om het weiland, niet om de polder waarin het weiland ligt, en niet willekeurig op verschillende plekken midden in het weiland.). Met die grenzen mag niet gemarchandeerd worden (Als het hek eenmaal om het juiste weiland staat verplaats je het niet), want dat leidt van complexiteit snel terug naar chaos, in plaats van naar meer voorspelbare stabiliteit op termijn.

Ik heb er geen enkel begrip voor dat ik 45 Euro per jaar aan een commercieel bedrijf moet betalen om aangifte te kunnen doen bij de Belastingdienst voor de Vennootschapsbelasting. Dat bedrag is om me te kunnen ‘identificeren’ met e-herkenning (eh3 in mijn geval) en vergt dat ik mijn gegevens verstrek aan dat bedrijf (kopie ID etc.). Terwijl ik a) al een Digid heb waarvoor mijn identiteit is vastgesteld, en b) de Belastingdienst uit eigen gegevens en uit het Handelsregister exact weet voor welke organisaties en bedrijven ik tekenbevoegd ben. Waarom ik dan niet met Digid kan inloggen om aangifte te doen voor bijvoorbeeld mijn B.V.’s is me een volslagen raadsel. De route via ‘de markt’ is een toegevoegde kwetsbaarheid, waarlangs mijn persoonsgegevens ongetwijfeld een keer op straat komen te liggen.

Nu iedereen thuis zit is worden meer mensen dan ooit in werkend Nederland met een zoektocht naar goede tools geconfronteerd. Tools die niet alleen goed werken, maar ook netjes met je data omgaan. Uiteraard voorzien veel bedrijven al in een online werkomgeving. Maar vaak missen daar dan weer elementen in die je dwingen zelf iets te kiezen. Videoconferencing bijvoorbeeld is niet iets dat klanten van mij allemaal beschikbaar hebben.

Waag Society maakt onder de noemer Public Stack een lijstje tools die je kunt gebruiken. Ik loop het lijstje even door, en geef aan wat ik zelf / in mijn bedrijf gebruik.

Browsers: Firefox of Brave
Ik gebruik beiden. Brave vooral op mijn mobiel. Firefox op mijn laptop. Op mijn laptop gebruik ik ook TOR om sites te lezen met cookiewalls, maar ook Chrome-afgeleiden. Chrome mijd ik op zich, maar er zijn webapplicaties die alleen in Chrome of Chrome-afgeleiden (Chromium, Opera) werken.

Messaging: Signal of Telegram
Signal gebruik ik als standaard messaging app. Telegram mijd ik. Naast Signal gebruik ik ook Threema, voor een paar mensen die samen wel 80% van mijn berichtenverkeer uitmaken. Ik heb Whatsapp geïnstalleerd staan omdat het voor sommige contacten het enige kanaal is. Ik initieer er geen contact om het gebruik ervan niet verder te stimuleren. Het is ook niet verbonden met mijn Facebook-account (mijn FB heeft mijn nummer niet, en FB app niet op mijn telefoon). [UPDATE Ik heb WhatsApp verwijderd]

E-mail: Protonmail of Zimbra
Protonmail gebruik ik als webmaildienst en vind ik erg goed. Ik gebruik het met een eigen domein gekoppeld, dus geen @protonmail.ch mail adres. Zimbra ken ik niet (maar is in Amerikaanse handen bij VMWare dus valt af wat mij betreft). Vooral gebruik ik echter de mailservers die horen bij mijn gehoste domeinen, met als prettig neveneffect dat er geen single point of failure is in mijn mailtoegang. Met collega’s mailen we versleuteld. Gmail gebruik ik sinds 4 jaar niet meer.

Chat: Rocket.chat of Mattermost
Voor ons bedrijf gebruiken we uitsluitend Rocket.chat, waar we onze Slack-geschiedenis naar toe hebben geëxporteerd. Dat draaien we op een eigen server in een Nederlands datacenter. Prive gebruik ik ook Riot af en toe. Slack is wel een manier om met verschillende communities waar ik deel van uit maak in contact te zijn.

Cloud: Nextcloud of Cryptpad
Nextcloud is wat we in ons bedrijf gebruiken voor zowel agenda’s, documenten delen, archivering, en samenwerken in documenten (met OnlyOffice, maar Collabora kan ook). Gehost op een eigen server in een Duits datacenter. Omdat het onze eigen server is kunnen we klanten veilig in deze omgeving uitnodigen, en gebruiken we het ook om bestanden te delen met ze.

Videoconferencing: Jitsi, BigblueButton, Sylkserver
Dit is de lastigste eigenlijk op dit moment. Uiteraard hebben veel klanten Microsoft Teams, en gebruiken wij dat ook in meetings met hen. Skype for Business is voor ons ongeschikt, en ‘gewone’ Skype weer niet beschikbaar bij onze klanten. GoTo Meeting en Webex worden door sommige klanten gebruikt, maar zijn niet geschikt voor ons om zelf ook te gaan draaien. Onze NextCloud heeft wel ook een videoconferencing tool ingebouwd, en die gebruiken we ook, maar is niet geschikt voor meer dan 3 of 4 mensen eigenlijk. Sinds we allemaal thuiszitten hebben we ook Zoom in gebruik genomen (we betalen voor 4 hosts). Goed geschikt voor grotere groepen en workshops blijkt. We zijn niet de enigen. Wel is Zoom problematisch qua privacy, nog even los van de Patriot Act. Als host kun je bijvoorbeeld zien wat andere deelnemers doen. Sommige van onze klanten staan het gebruik van Zoom niet toe. Voor Europese gebruikers is het beter geregeld dan voor Amerikaanse lijkt het, maar het is niet ok. Daarom experimenteren we met Jitsi. Daar is een lijstje publieke servers van, maar voor ons bedrijf is dat ongeschikt. We nemen daarom in de komende dagen een eigen server met Jitsi in gebruik om ervaring op te doen en te kijken of we zonder Zoom kunnen. Van belang bij iedere videoconferencing tool is voor ons dat je van de mensen die je uitnodigt niet mag verwachten of eisen dat ze dingen installeren of een account aanmaken om mee te kunnen doen. NextCloud Talk, Jitsi en Zoom voldoen daar aan. MS Teams en Skype (for B) niet, en Goto Meeting / Webex bieden eigenlijk alleen inbellen als functioneel zeer beperkt alternatief wanneer je niet iets wilt installeren. Zelf heb ik al die tools wel geïnstalleerd staan maar de meeste mensen hebben geen mogelijkheid zelf iets op hun laptop te installeren of wijzigen.

Zo ziet het er hier uit. En bij jou?

20200318_095533

[Ik zie na publicatie dat het vandaag precies 5 jaar geleden is dat ik mijn hele persoonlijke set-up heb beschreven]