Daarom is het zo belangrijk voor me dat ik sinds anderhalf jaar er in slaag veel meer te bloggen. Omdat het tussen al het kaf meer koren oplevert. Omdat ik eerst al het kaf uit mijn hoofd moet hebben voor ik aan het koren toekom.

Liked a post by Frank Meeuwsen

Seb: Ik heb niet het idee dat deze blogpost zo veel beter is, maar het ding met blogposts is dat je de slechte moet tegengaan door steeds nieuwe te schrijven, niet door slechte niet te schrijven. Frank: Maar het ding met een persoonlijk blog is, het geeft niets. Je hebt aan niemand verantwoording af te leggen behalve aan jezelf. Geen adverteerders, geen redactie, geen aandeelhouders. Zelfs niet aan je lezers.

Ja, decentraal is vaak gewoon weer een silo, maar dan met een individu aan het stuur in plaats van een data-graaiend bedrijf. 50% van alle Mastodon gebruikers zit op 3 vrijwillig gerunde instances bijvoorbeeld. Vanuit verantwoordelijkheid en aansprakelijkheid gezien is dat alleen maar een verslechtering. Zoals het gehannes met een VPS in jouw voorbeeld, dat ik herken van mijn eigen geklooi met mijn VPS.

In die zin kun je misschien beter de stap volmaken naar een gedistribueerde dienst, tenminste als je fatsoenlijke managed hosting even overslaat. Je eigen Peertube instance draaien. Niet op een VPS, maar simpeler, bijvoorbeeld als een kastje aan je thuisrouter, a la Freedombox. Iets soortgelijks doen we massaal nu ook al met NAS schijven immers. Sterker dan, waarom niet Peertube óp je NAS? Of óp je router? Die laatste is tenslotte een volwaardige computer waarvan wat ledematen zijn lamgelegd.

Dat heeft meteen als voordeel dat ook een helder businessmodel zichtbaar is voor commerciële activiteiten, want dan kun je hardware verkopen.

Replied to Het probleem met decentrale diensten by Frank Meeuwsen

Vanochtend kreeg ik onderstaande mail binnen van Peertube.social:
Unfortunately, there was an issue on peertube.social that broke a number of accounts. Your account was broken because of this, which means I had to delete and recreate it. This means that your follows, videos and other content are gon…

Da’s wel een understatement ja, “de interface niet heel fijn in het gebruik”. Die interface is nog ronduit slecht. Zelf Aperture draaien lukt me nog niet, pogingen om het op mijn laptop als localhost te doen gingen mis. Dat zou ik nog prettiger vinden eigenlijk, op localhost, dan in mijn WP database al is dat al beter dan op de server van een ander. Om die reden speel ik ook nog met TinyTinyRSS, die is goed zelf te draaien (straightforward PHP and MySql), en je kunt makkelijk zelf in de code wat klooien. Ik zoek natuurlijk uiteindelijk het schaap met 5 of zelfs meer poten.

Replied to De indieweb leesmap mogelijkheden komen steeds dichterbij by Frank Meeuwsen

…nu blijkt er ook Yarns te zijn, een WordPress plugin te zijn die deze server integreert in je WordPress omgeving. Het is allemaal in beta en de interface vind ik niet heel fijn in gebruik…

Ja het voelt magisch aan, als ‘t ‘just works’. Zelf experimenteer ik met de WP-plugin Yarns ipv Aperture. Aperture staat (en dus ook je feeds) op de server van Aaron. Yarns op mijn eigen server. Met Monocle lees ik dan de feeds zoals jij ook beschrijft, Frank.

Yarns microsub plugin in WordPress

Frank’s posting lezen in Monocle

Mijn ideaal is dat gehele gedistribueerde conversaties goed te volgen zijn. Maar dat vergt nog iets meer dan alleen de like, report en reply buttons zoals nu in Monocle. Al is het al enorm vet dat je op die manieren rechtstreeks vanuit je feedreader kunt bloggen. Ik wil echter ook meteen vanuit iets wat ik lees door kunnen naar het schrijven van een heel artikel. Juist vanwege die gedistribueerde conversaties. Het gaat dan namelijk niet alleen om antwoord op een ander, zoals deze tekst, maar ook om ideeën en zijpaden die door een blogpost van een ander zijn getriggerd. Naast meer soorten postings kunnen maken vanuit een reader, wil ik ook graag feeds kunnen taggen. Ik volg mensen, geen bronnen, in mijn reader, en tagging maakt het mogelijk om dwarsdoorsnedes van mijn netwerk te bekijken.

Voor mij is het lezen/schrijven als deel van mijn blogproces een goede kandidaat voor de tweede dag van ons IndieWebCamp Utrecht, en ik hoop er ook op de eerste dag het een en ander over te kunnen bespreken. Waarbij ik me baseer op mijn 2006 noties van ‘people centered navigation‘, en networked agency (2016-nu).

(Ik schreef dit rechtstreeks in mijn reader, maar voegde later handmatig links en afbeeldingen toe. Dat soort dingen konden vroeger met mooie tools als Qumana, die onderdeel werden van je browser.)

Replied to Het kwartje valt met de Indieweb lees/schrijf bouwstenen by Frank Meeuwsen

Soms moet je bepaalde dingen maar gewoon live testen en zien wat er gebeurt. Zo gebeurde dat dus vanavond. Ik wilde weer eens zien hoe de RSS-apps werken in de Indieweb-community. Via protocollen genaamd Micropub en Microsub kan ik via specifieke RSS-readers een klein stukje magie bewerkstelligen.
I…

De eerste Algemene Ledenvergadering van 2019 van de vereniging Open Nederland vindt vanmiddag plaats. Met al meer leden dan we voor dit jaar beoogden, kijk ik uit naar een bruikbare sessie. Als penningmeester heb ik nog niet veel te doen gehad behalve de basics zoals handelsregister, bankrekening en btw-nummer. Daar gaan we hopelijk de rest van het jaar verandering in brengen. Met ons nieuwe kantoor in het centrum van Utrecht zijn we als The Green Land gastheer voor de ledenvergadering.

Open Nederland heeft een eerste podcast geproduceerd. Sebastiaan ter Burg is de gastheer en Maarten Brinkerink deed de productie en muziek.

In de Open Nederland podcast komen mensen aan het woord komen die kennis en creativiteit delen om een eerlijke, toegankelijke en innovatieve wereld te bouwen. In deze eerste aflevering gaat het over open in verschillende domeinen, zoals open overheid en open onderwijs, en hoe deze op elkaar aansluiten.

De gasten in deze aflevering zijn:

  • Wilma Haan, algemeen directeur van de Open State Foundation,
  • Jan-Bart de Vreede, domeinmanager leermiddelen en metadata van Kennisnet en
  • Maarten Zeinstra van Vereniging Open Nederland en Chapter Lead van Creative Commons Nederland.

(full disclosure: ik ben zowel bestuurslid van Open Nederland als bestuursvoorzitter van Open State Foundation, waarvan CEO Wilma Haan in deze podcast deelneemt.)

In januari schreef ik aangenaam verrast over de Provincie Overijssel die hun iconenset uit de huisstijl onder een Creative Commons licentie hadden gepubliceerd. Ik schreef de Provincie er een complimenterende e-mail over, en stelde de vraag welke Creative Commons licentie er precies bedoeld werd. Want dat was niet duidelijk op de website. Zo was niet helder of naamsvermelding gewenst was, of commercieel hergebruik was toegestaan, en of afgeleid werk onder dezelfde condities moest worden gelicentieerd. Ik kreeg een mail terug met de aankondiging dat ze een aanpassing zouden doen.

Tot mijn verbazing was de aanpassing niet een verduidelijking maar een terugdraaiing van het geheel. De Creative Commons licentie is verdwenen en de site laat nu alleen het gebruik van de iconen toe voor en door de Provincie en hun leveranciers.

Ik stuurde een teleurgestelde e-mail, waarin ik vragen stelde over hoe de nieuwe keuze tot stand gekomen is. Dat wordt natuurlijk al snel een lange mail, omdat het bij dit soort zaken snel over details gaat. Elke vlottere formulering roept dan weer al gauw nieuwe vragen op. Het was dan ook prettig dat een van de communicatie-teamleden me vanmiddag belde om wat context te verschaffen.

Het toevoegen van CC aan de iconen was een door een medewerker gedaan experiment , op basis van ervaringen met eerdere iconen die onder CC beschikbaar waren. De intentie was om CC wat meer gebruik te geven. Dat maakt het bijvoorbeeld ook voor andere overheden makkelijker om dingen van elkaar her te gebruiken. Daar heeft iedereen profijt van. Maar juist bij creatieve uitingen (anders dan bijvoorbeeld bij data waar landelijk beleid geldt t.a.v. CC gebruik) zijn er meer auteursrechtelijke aspecten om rekening mee te houden. Commercieel hergebruik van de creatieve uitingen van een ander zijn dan praktisch en gevoelsmatig een andere stap. We hebben het over de huisstijl van de Provincie, dus wil je wel dat diezelfde iconen ‘overal’ kunnen opduiken? Het is niet de bedoeling dat andermans uitingen met die van jou worden geassocieerd.

Voortschrijdend inzicht op grond van die afwegingen, zijn de oorzaak dat men is teruggekeerd van de oorspronkelijke goede intentie. Dat is goed, al is het resultaat dat er jammer genoeg toch geen CC licentie aan de iconenset hangt. Een experiment is precies dat: een experiment, en dat betekent dat je ook kunt concluderen dat het niet voldeed.

Er zijn natuurlijk opener, minder open, en meer gesloten vormen van CC licenties. Dat is het hele punt van CC: dat je selectief op voorhand voor bepaalde hergebruiksvormen al toestemming verleent, zonder dat iedereen dat bij de auteursrechthebbende moet vragen. Van alle rechten voorbehouden naar sommige rechten voorbehouden.

Het blijft lovenswaardig dat het communicatieteam de intentie had en heeft om met CC te werken. En het is heel prettig dat er contact is opgenomen, dat praat makkelijker. Hopelijk leidt het er toe dat bij een volgende kans er wel een CC licentie gehanteerd kan worden.

In algemene zin, zou het helpen als het Ministerie van BZK, als houder van het dossier rond open overheid en open data, en de directie van decentrale overheden zoals een provincie hier sterker sturend in zouden zijn. Dan zijn experimenten niet nodig, en ontstaat er ook geen angst of zorg op de werkvloer voor mogelijk onbedoelde gevolgen, waardoor je voorzichtige terugtrekkingen als dit krijgt. Die voorzichtigheid is een normale voorspelbare menselijke reactie, maar die kun je in je organisatie onnodig maken. BZK stelt al als beleidslijn dat CC0 en CCBY voor data publicaties gehanteerd moeten worden. Open standaarden zijn al 11 jaren verplicht (maar weinig overheden houden zich daaraan in de praktijk). Het hanteren van een eenduidige praktische interpretatie van de auteurswet ook voor creatieve uitingen van overheden en de daarmee verbonden logische licentiekeuzes door BZK, en het bekrachtigen daarvan door het bestuur van decentrale overheden zou hier helpen. Er is voldoende ervaring inmiddels om het BZK mogelijk te maken hierin normerend op te treden.

Sinds twee jaar doe ik iets soortgelijks. Bij ieder spreekverzoek op een conferentie kijk ik naar wie nog meer komt, en of er, als er panels zijn, evenwicht in een panel zit. Als ik zelf niet kan, geef ik vrouwen op als alternatieve sprekers. Bij mijn panel deelname op een conferentie in Servië vorig jaar september, was het panel in evenwicht. Een half jaar eerder in Servië was het ook in orde. Mijn optreden bij State of the Net afgelopen jaar vond ik lastiger, in die zin. Te weinig vrouwen als spreker vond ik (3 van de 11), en telkens drie sprekers werden in een panel gezet, waardoor je dus geheel mannelijke panels kreeg. Wel heb ik, ik zit in het adviescomité van dat congres, zelf alleen vrouwelijke sprekers voorgedragen. Uiteindelijk ben ik wel gegaan, enerzijds omdat ik zelf een geheel nieuw verhaal wilde testen op een relevant publiek, anderzijds om een goede vriend die het organiseert niet teleur te stellen. Maar het betekent wel iets voor hoe ik dit jaar mijn adviserende rol in wil vullen.

Als event-organisator weet ik dat het kan, een gebalanceerde sprekerslijst en dito panels. Je moet wel zorgen dat je netwerk bij voorbaat al gebalanceerder is. Zo probeer ik dat bijvoorbeeld al te doen in mijn feedreader bij de weblogs die ik volg. Er is een overvloed aan vakmensen en denkers, als je die niet vindt ligt het niet aan die mensen. Als ik bijvoorbeeld vrouwelijke sprekers wil kunnen aanraden moet ik ze zelf ook eerst kennen: netwerken is gewoon een continue activiteit. Als event-organiser moet je er ook rekening mee houden dat mannen en vrouwen verschillend op een uitnodiging te spreken reageren. Mannen zijn eerder gevleid en gaan er vanuit dat ze wel een relevant verhaal kunnen houden. Vrouwen reageren eerder met reserve t.a.v. match van hun eigen kwalificaties en wat je zegt te zoeken voor je conferentie (er is altijd wel iemand beter), of planningsproblemen. Bij internationale conferenties die ik organiseerde nodigden we dan ook twee vrouwelijke sprekers t.o.v iedere man uit. In de praktijk kwam je dan op het omgekeerde uit, 1 op de 3 vrouwen als spreker. Het had nog een stuk beter gekund met meer vasthoudendheid (en betere planning) van onze kant. In Zweden op technische conferenties waar ik sprak was het altijd keurig 50-50. Ook in de organisatie zelf, en dat is volgens mij al het halve werk.

Replied to Alleen mannen op het podium? Dan kom ik niet. by an author

Prins Constantijn gaat nooit meer in een panel zitten zonder dat er minstens één vrouw in zit. Volgens hem is dat een goede manier om vooroordelen over vrouwelijke ondernemers weg te nemen, …..
Een mooie uitspraak die hopelijk ook in daad word omgezet…

Help jij ons mee organiseren? We gaan een IndieWebCamp organiseren in Utrecht, een event om het gebruik van het Open Web te bevorderen, en met elkaar praktische zaken aan je eigen site te verbeteren. We zoeken nog een geschikte datum en locatie in Utrecht. Je hulp is dus van harte welkom.

Op het Open Web bepaal jij zelf wat je publiceert, hoe het er uit ziet, en met wie je in gesprek gaat. Op het Open Web bepaal je zelf wie en wat je volgt en leest. Het Open Web was er altijd al, maar in de loop van de tijd zijn we allemaal min of meer opgesloten geraakt in de silo’s van Facebook, Twitter, en al die anderen. Hun algoritmes en timelines bepalen nu wat jij leest. Dat kan ook anders. Bouw je eigen site, waar anderen niet tussendoor komen fietsen omdat ze advertentie-inkomsten willen genereren. Houd je eigen nieuwsbronnen bij, zonder dat andermans algoritme je opsluit in een bubbel. Dat is het IndieWeb: jouw content, jouw relaties, jij zit aan het stuur.

Frank Meeuwsen en ik zijn al heel lang onderdeel van internet en dat Open Web, maar brengen/brachten ook veel tijd in websilo’s als Facebook door. Inmiddels zijn we beiden actieve ‘terugkeerders’ op het Open Web. Afgelopen november waren we samen op het IndieWebCamp Nürnberg, waar een twintigtal mensen met elkaar discussieerde en ook zelf actief aan de slag gingen met hun eigen websites. Sommigen programmeerden geavanceerde dingen, maar de meesten zoals ikzelf bijvoorbeeld, deden juist kleine dingen (zoals het verwijderen van een link naar de auteur van postings op deze site). Kleine dingen zijn vaak al lastig genoeg. Toen we terugreden met de trein naar Nederland waren we het er al snel over eens: er moet ook een IndieWebCamp in Nederland komen. In Utrecht dus, dit voorjaar.

Om Frank te citeren:

Voel je je aangesproken door de ideeën van het open web, indieweb, wil je aan de slag met een eigen site die meer vrij staat van de invloeden sociale silo’s en datatracking? Wil je een nieuwsvoorziening die niet meer primair wordt gevoed door algoritmen en polariserende roeptoeters? Dan verwelkomen we je op twee dagen IndieWebCamp Utrecht.

Laat weten of je er bij wilt zijn.
Laat weten of je kunt helpen met het vinden van een locatie.
Laat weten hoe wij jou kunnen helpen bij je stappen op het Open Web.

Je bent uitgenodigd!

Bruikbare samenvatting Frank, vanmiddag kunnen we meteen de diepte in dan. Die koffie met Geert-Jan had ik ook op mijn lijstje, wat mij betreft gaan we samen. Ik mis zelf in PublicSpaces nog de erkenning/omarming van netwerkdenken, zichtbaar ook in de gecentraliseerde technologiekeuzes. Afijn, zoals je zegt ondertussen bouwen we ook voort aan het eigen moederschip.

Replied to PublicSpaces en de weeffouten van het internet by Frank Meeuwsen

…gewoon stug door te gaan met wat ik hier doe. Mijn eigen moederschip vorm geven. Niet meer primair van me te laten horen op Twitter of een ander netwerk. Mijn eigen posse om me heen te verzamelen en het verschil gaan maken. Door dingen te doen. Door de verbinding te zoeken bij allerlei initiatieven die er al zijn.

Geert-Jan, zie dit als een open uitnodiging om eens verder te praten hoe ik jullie kan helpen. Want ik wil helpen. En ik kan helpen. Tijd voor koffie?….

Voor overheidsdata is het al lange tijd de landelijke norm dat daarvoor een Creative Commons 0 licentie, of ten hoogste een Creative Commons Naamsvermelding licentie wordt gebruikt. Dat betekent dat iedereen voor elk gebruiksdoel de gepubliceerde materialen mag hergebruiken. Voor andere dingen die overheden gebruiken, zoals ontwerp-elementen uit de huisstijl is dat niet het geval.

De Provincie Overijssel geeft nu een goed voorbeeld hoe je ook naast data hergebruik mogelijk kunt maken van ander materiaal dat met publiek geld is gerealiseerd. Op de site provicons.nl zijn de ruim 200 iconen die onderdeel uitmaken van de huisstijl van de provincie beschikbaar gesteld voor hergebruik. Als je een icoon downloadt krijg je het in 5 bestandsformaten aangeleverd (svg, ai, emf, jpg, png).

Op deze iconenset berust een Creative Commons licentie, de rechten liggen dus bij de provincie Overijssel, maar iedereen die de iconen wil gebruiken, krijgt van Overijssel toestemming om dit werk te verspreiden, met anderen te delen of te bewerken.

De Provincie Overijssel verdient complimenten voor deze stap.
De enige kanttekening is dat nog niet expliciet is gemaakt welke Creative Commons licentie er van toepassing is. Uit de bovenstaande tekst is op te maken dat afgeleide werken zijn toegestaan, maar bijvoorbeeld niet of dat ook voor commercieel hergebruik geldt, of dat verwacht wordt dat je een afgeleid werk onder gelijke condities weer deelt. Ook is nog niet helder of naamsvermelding van de Provincie als oorspronkelijke maker vereist is.

Ik heb de Provincie een mail gestuurd met de vraag of ze nog expliciet kunnen aangeven welke Creative Commons licentie geldt voor de iconen. Hopelijk hanteren ze net als bij hun data een CC0 of CC-BY licentie.


Een van de iconen, voor recreatie, die door de Provincie Overijssel beschikbaar is gesteld. (licentie CC, onbekend)

Enige tijd geleden is een groep organisaties, zoals Waag Society, het initiatief PublicSpaces gestart. Binnen deze non-profit zoekt een groep organisaties de weg (terug) naar internet als gemeenschappelijk goed, weg van de social networking platforms die uiteindelijk alleen een commercieel doel dienen. Hoe dat zou moeten staat nog open volgens mij, al is er wel een manifest, en ik weet ook niet in hoeverre gedistribueerd denken (de onzichtbare hand van netwerken) echt een rol speelt. Het maakt in ieder geval nieuwsgierig. Het thema is zonder meer van groot belang, en er ‘broeit’ op allerlei plekken activiteit op dit vlak. Soms ‘klassiek’ geheel op technisch vlak voor een toepassing (zoals Mastodon), en soms in de breedte (zoals Next Generation Internet). PublicSpaces kiest zo te zien ook een maatschappelijke insteek, en dat is terecht. In het verleden heb ik het er met Marleen Stikker van Waag Society wel over gehad dat je een ‘nieuw maatschappelijk middenveld’ nodig hebt, dat zich heeft georganiseerd en werkt langs de lijnen van onze genetwerkte digitale wereld, en zichtbaar genoeg is voor het ‘klassieke’ middenveld en bijvoorbeeld de overheid.

Komende week is er een bijeenkomst in Arnhem, onder de titel “Het internet is stuk” waar PublicSpace centraal staat. Georganiseerd mede door Marco Derksen, zal Geert-Jan Bogaerts, hoofd digitaal van de VPRO en voorzitter van PublicSpaces de ideeën en plannen toelichten.

Het maximaal aantal plaatsen is al bereikt, en er is een wachtlijst, dus ik zal er zelf niet bij zijn. Maar Frank Meeuwsen wel, dus ik verwacht dat er wel wat impressies in zijn blog of dat van Marco Derksen (die er al onlangs over schreef) zullen verschijnen.

heat wave in bryant park
De publieke ruimte is het originele social media platform. Onze tools lijken er nog te weinig op. (photo Laura LaRose, license CC-BY)

Elmine maakte dit video-gedicht over writer’s block.

(eerder schreef ze al over lezersblock, en nu filmt ze schrijversblock)

Vanaf begin december maakt Elmine dagelijks een video-verhaal, tot de Kerst, als een soort digitale adventskalender. Kijk ze allemaal! Er zijn flirtende voice-assistenten, klagende schapen, robots die zich niet laten kisten, street wise kabouters, een eeuwenoude treinliefde, gedichten, verhalen-dobbelstenen, moord en doodslag in het dierenrijk, en meer.